Gepubliceerd op 26 mei 2026
Op het familiebedrijf van Wiebe Goodijk in Sebaldeburen gaan akkerbouw en melkveehouderij hand in hand. Samen met zijn ouders, broer en medewerkers werkt hij iedere dag aan een toekomstbestendig bedrijf. In dit interview vertelt Wiebe over samenwerken, ondernemerschap en het belang van goed personeel. Ook deelt hij waarom AB Vakwerk voor hem een waardevolle partner is.
Wiebe Goodijk maakt deel uit van een gemengd agrarisch bedrijf dat wordt gerund door vier vennoten: zijn broer en 2 zonen. Er wordt gewerkt vanaf twee locaties: het moederbedrijf in Sexbierum én een tweede bedrijfslocatie in Sint Jacobiparochie. Totaal 310 ha.
In Sexbierum ligt het grootste deel van het land: ongeveer 255 hectare. Deze locatie is een gemengd agrarisch bedrijf. Hier worden pootaardappelen, zaaiuien, sjalotten, suikerbieten en 42 hectare broccoli verbouwd.
De locatie in Sint Jacobiparochie richt zich volledig op melkvee. Daar worden 240 melkkoeien gemolken met 4 melkrobots en wordt het bedrijf gerund door zijn zoon. Het jongvee wordt vervolgens opgefokt in Sexbierum.
Binnen de onderneming is één vaste medewerker actief: de tweede zoon. Daarnaast werkt het bedrijf met zzp'ers Voor het selectiewerk worden medewerkers van AB Vakwerk ingezet. En zodra het seizoen aanbreekt, draaien buitenlandse arbeidskrachten en vakantiekrachten mee. Ook is er ruimte voor stagiaires uit het binnen- en buitenland. Het seizoen wordt traditioneel afgesloten met een gezellig feest voor alle medewerkers die hebben meegeholpen.
Wiebe zit inmiddels in zijn negende jaar in de ledenraad van AB Vakwerk en dit jaar is zijn laatste. Zijn interesse begon toen een ander ledenraadslid hem benaderde. Hij had al ervaring in het bestuurswerk, maar dit sprak hem zeker aan. Hij kreeg al snel een goed gevoel bij AB Vakwerk. Hoewel het in het begin even wennen was, waardeert hij vooral dat de leden uiteindelijk een belangrijke stem hebben als er beslissingen genomen moeten worden.
Zijn ervaring in de ledenraad is zeer positief. Wiebe voelt zich betrokken en ervaart dat ledenraadleden echt mogen meedenken. Er wordt naar hen geluisterd en hun bijdrage heeft impact. In de afgelopen twee jaar ben je als coördinator nog intensiever met je taken bezig. De RvC ziet hij als een sterke groep mensen, zorgvuldig geselecteerd door AB Vakwerk. Ook de directie wordt door hem geroemd: scherp, betrokken en waakzaam op een goed verloop van beleid en organisatie.
Wat Wiebe AB Vakwerk en de leden wil meegeven, is duidelijk en toekomstgericht:
Daarnaast benadrukt hij dat de boerenhulpregeling moet blijven bestaan, ondanks dat deze steeds lastiger te organiseren is. “De regeling die we hebben, blijft een enorm waardevol vangnet bij ziekte of uitval,” vindt hij. Daarom is het volgens hem belangrijk om deze kracht van AB Vakwerk te behouden en te blijven versterken.
Tot slot vindt hij het essentieel om de belangen van de leden goed te blijven behartigen. Niet alleen voor de leden zelf, maar ook door waardering te tonen aan het vakpersoneel dat elke dag het verschil maakt.